De middagdienst

We gaan nadenken en spreken over de middagdienst. Omdat het bezoek aan de middagdiensten langzaam terug loopt. Dat werd u in een vorig kerkblad al beloofd.

In maart, na het afronden van het Liturgie-project, zijn we als werkgroep bij elkaar gekomen en hebben we plannen gemaakt om het gesprek in en met de gemeente te voeren. Zodat iedereen erbij betrokken wordt en kan meedenken. Want de zondag en dus ook de erediensten zijn er voor ons allemaal. De werkgroep heeft geen vooropgezet plan of een al ingevuld doel voor ogen! Geen ‘grote veranderingen’ of ‘alles moet blijven zoals het was’. Het gesprek moet in de gemeente gevoerd worden. Als werkgroep willen wij alleen het gesprek, het proces, begeleiden.

1. Om te beginnen: hoe gaan we dat doen?

De schepping van AdamWe willen graag weten wat er in de gemeente leeft. We willen u vragen om opbouwend mee te denken over de vraag wat goed is voor de gemeente als het om de middagdienst en dus ook over de zondag gaat. Daarom willen we eerst een enquête uitzetten. Om te bereiken, dat u allemaal uw zorgen, vragen, ideeën, onmogelijkheden, etc. kunt inbrengen. Die enquête krijgt u op zondag 17 april.
In de morgendienst van deze zondag zal er in de dienst en in de preek aandacht gegeven worden aan de vragen rond de zondag en de erediensten. Een Geestelijke verdieping van het gesprek, wat we samen voeren.

Al eerder is er een “Praatpapier over de tweede kerkdienst” in de gemeente verspreid. Dat wordt hierbij ingetrokken. In die zin, dat we dat nu niet meer zo willen gebruiken in het komende gesprek. Wanneer u dit al wel gebruikt heeft op de Bijbelstudievereniging of op een wijkavond, dan is dat prima. De uitkomsten (als die zijn doorgegeven) daarvan zullen wel gebruikt worden wanneer alle enquêtes binnen zijn. En u mag natuurlijk, wat u al besproken hebt en geleerd in eerdere gesprekken, in het beantwoorden van de vragen meenemen.

U krijgt de uitslag van de enquête weer terug. Zodat u ook zelf inzicht krijgt in hoe er in de gemeente over gedacht wordt. En als voorbereiding op de gemeenteavond, die we graag eind mei willen beleggen. Dan willen we er graag met elkaar over doorspreken. Ook daarvan willen we een verslag maken en dat aan u teruggeven. Als blijkt dat het nodig en zinvol is om er nog een keer samen over te spreken, kunnen we na de zomer nog een keer op een gemeenteavond bij elkaar komen.

Uiteindelijk willen we als werkgroep tot een advies komen, dat we aan de kerkenraad willen geven, die dat dan verder in de gemeente kan inbrengen.

2. Kan dit wel?

De vraag kan opkomen: “Kan dit wel?” Want een gemeente is geen democratie en een eredienst is toch een eredienst. Daarin roept de HERE ons bij elkaar. Nodigt ons uit. Daarbij: wat hebben we in onze tijd de voeding, het onderwijs uit de Schrift, nodig! Kijk eens om je heen: er zijn zoveel vragen, verleidingen, oppervlakkigheid… Kerken krimpen, het aantal gelovige christenen in Nederland daalt. Wat hebben we elkaar nodig! Deze vraag “Kan dit wel?” kan uit een terecht bezorgd en meelevend hart komen.

Daarom is het goed om nu al vast te stellen, dat het niet gaat over de vraag of het allemaal niet wat minder kan. Omdat we het, bijvoorbeeld, druk hebben met van alles en nog wat. (Wat in deze tijd wel vaak zo is!) En dat we dus wat minder voeding nodig hebben. Of gewoon wat meer vrije tijd willen op zondag. (Wat overigens geen slechte gedachte hoeft te zijn.) Het gaat over de vraag wat in onze tijd een goede vorm is voor die voeding en de ontmoeting met onze God. Over de zondag en over de “gewone” dagen van de week. Daar mogen, moeten, we over nadenken! Vormen van vroeger kunnen in onze tijd goed zijn, maar ook onvoldoende. Eigenlijk zou iedere generatie daar bewust over moeten nadenken. Over de vraag wat de Bijbel ons hier aanreikt en de vraag wat nodig is in onze tijd. Voor onszelf en onze kinderen.

3. Het hart: samenkomsten.

Het hart van geloven is wandelen met God. In je gewone leven van elke dag Bijbellezen, bidden en nadenken over wie God voor je wil zijn. Iedere christen heeft een eigen band met God. Een band, die altijd weer gevoed moet worden. Zoals je een olielamp elke dag met olie vult. Daarnaast zijn de samenkomsten altijd erg belangrijk geweest. Daarin ontmoeten we de Here. Door de Bijbel te lezen, naar de uitleg te luisteren, samen te zingen en God groot te maken. Deze samenkomsten zijn ook belangrijk, omdat het je kan bewaren voor eenzijdigheden in je persoonlijke geloofsleven. Voor langzaam wegglijden. Voor individualisme. Voor je “eigen grote gelijk”. Daarnaast ontmoet je elkaar. Je ondervindt steun, gebed, medestrijders naast je… Niet voor niets geeft de Bijbel al die beelden: kudde, lichaam, volk….

Samen geloven en samenkomsten, zijn dus erg belangrijk. In het Oude Testament begon dat al helemaal in het begin. Vlak na de zondeval staat er al: “In die tijd begon men de naam van de HEER aan te roepen”. (Genesis 4: 26) In het Oude Testament gebeurde dat rondom de tempel. Later ook in de synagogen. In de eerste jaren kwamen de christenen elke dag bij elkaar. Later werd dit vooral de zondag: de dag van de opstanding van Jezus. Waarbij veel christenen ook door de week bij elkaar kwamen. Voor gebed, Bijbelstudie,…

Wij zijn nu gewend om op zondagmorgen en zondagmiddag samen te komen. Onze middagdienst komt niet uit de Bijbel. Onze middagdienst stamt uit de tijd van de Reformatie. In de Nederlandse vluchtelingengemeente in Londen werd ’s middags onderwijs uit de catechismus gegeven. Dit had vooral te maken met de grote onwetendheid van mensen in die dagen: veel mensen kwamen uit de Rooms Katholieke traditie en wisten erg weinig van de Bijbel en het christelijk geloof. Via Londen is dit in onze kerkorde terechtgekomen. En dus kennen we in Nederland de gewoonte om niet alleen in de morgen, maar ook in de middag samen te komen. Daarnaast kennen we de catechisaties voor de jeugd door de week en de verschillende Bijbelstudieverenigingen en gebedsgroepen.

Ik ga nu niet schrijven over de manier waarop er met die ‘middagdienst’ in de eeuwen, die achter ons liggen, is omgegaan. Of over de vraag waarom er in onze tijd zo’n terugloop is en welke oorzaken daarvoor zijn. Ook niet over de vraag welke alternatieven er zijn. Dat doen we met elkaar. Maar wat wel helder is, is dit: we mogen erover nadenken. Want de middagdienst is ook in een bepaalde tijd en met een bepaalde reden ingesteld. Wij mogen dus opnieuw vragen: wat is goed in onze tijd? Hoe zorgen we ervoor, dat we als christenen gevoed worden, getroost, opgebouwd… Welke vorm is daar in deze tijd goed voor? Daar mogen we ontspannen en zonder veroordeling over nadenken.

Dat betekent ook, dat het gesprek zich wat kan verbreden. Dus niet alleen over de middagdienst, maar over beide erediensten en de verhouding/verdeling tussen die twee. En daarbij ook over de hele zondag en over de week die volgt. Kortom: het gaat over het wandelen met God en met elkaar en het groeien in ons geloof.

4. Moeizaam?

Misschien zie je op tegen dit gesprek. En denk je: “Het gaat al eeuwenlang over de zondag en de invulling daarvan. Vermoeiend!”. Of je bent bang, dat de middagdienst verdwijnt, zodra je de mogelijkheid alleen al oppert. Of je bent bang, dat de gesprekken vooral ergernis en botsingen gaan opleveren. Ja, daar kun je tegenop zien.

Maar dat hoeft niet. Kijk eens om je heen en bedenk wat wonderlijk het eigenlijk is, dat we zoveel vrijheid hebben. Op zondag en door de week kunnen we samen komen. Bijbel lezen. Dat is niet overal zo. Wat mooi!

Daarbij: zie het als een uitdaging! We gaan er samen iets goeds van maken. Voor God, voor onszelf en voor onze kinderen.

De werkgroep:
Biny Blijdorp
Marina de Vries
Grytus Gerritsma
Hilma Eigenraam
Ben Dijkstra
At Kramer

Auteur: At Kramer

Geef een reactie